Pular para o conteúdo
Publicidade

Esperança

Por Bíblia Online

A esperança cristã não é desejo vago — é certeza inabalável fundamentada nas promessas de Deus. Ela é âncora da alma, firme e segura, que penetra até o interior do véu.

Esperança viva

Bendito seja Deus que nos gerou de novo para uma esperança viva, mediante a ressurreição de Jesus Cristo.

Geloofd zij de God en Vader van onzen Heer Jesus Christus, die in zijn grote barmhartigheid door de opstanding van Jesus Christus uit de doden ons deed wedergeboren worden tot een levende hoop,

Geloofd zij de God en Vader van onzen Heer Jesus Christus, die in zijn grote barmhartigheid door de opstanding van Jesus Christus uit de doden ons deed wedergeboren worden tot een levende hoop,

Heiligt Christus, den Heer, in uw harten; weest altijd tot verantwoording bereid aan iedereen, die u rekenschap vraagt van de hoop, die in u leeft.

Heiligt Christus, den Heer, in uw harten; weest altijd tot verantwoording bereid aan iedereen, die u rekenschap vraagt van de hoop, die in u leeft.

Wie deze hoop op Hem stelt, houdt zich rein, zoals Hij rein is.

Esperança que não decepciona

A esperança não decepciona, pois o amor de Deus é derramado em nossos corações pelo Espírito Santo.

Welnu, de hoop wordt niet beschaamd, omdat de liefde Gods is uitgestort in onze harten door den heiligen Geest, die ons geschonken is.

Welnu, de hoop wordt niet beschaamd, omdat de liefde Gods is uitgestort in onze harten door den heiligen Geest, die ons geschonken is.

Daar we dus door het geloof gerechtvaardigd zijn, zo laat ons de vrede bewaren met God door Jesus Christus, onzen Heer. Door Hem hebben we door het geloof toegang verkregen tot deze genade, waarin we vast zijn komen staan; door Hem ook roemen we in de hoop op de heerlijkheid Gods.

En hierin niet alleen, maar zelfs in de wederwaardigheden gaan we roemen, omdat we weten, dat wederwaardigheid geduld voortbrengt, geduld beproefde deugd, beproefde deugd weer hoop.

Want we zijn verlost om te hopen. Maar zien wat we hopen, is geen hopen meer; hoopt men soms nog wat men ziet? Doch zo we hopen wat we niet zien, dan smachten we er naar met geduld.

Doch zo we hopen wat we niet zien, dan smachten we er naar met geduld.

Weest blijde in de hoop, geduldig in het lijden, volhardend in het gebed;

Moge dan de God van hoop door het geloof u vervullen met alle vreugde en vrede; opdat gij rijke overvloed van hoop moogt verwerven door de kracht van den heiligen Geest!

Moge dan de God van hoop door het geloof u vervullen met alle vreugde en vrede; opdat gij rijke overvloed van hoop moogt verwerven door de kracht van den heiligen Geest!

A fé é a certeza

A fé é a certeza do que se espera. Mantenhamos firme a confissão da esperança, pois fiel é o que prometeu.

Het geloof is een vaste grond voor wat men hoopt; een overtuiging over dingen, die men niet ziet.

Het geloof is een vaste grond voor wat men hoopt; een overtuiging over dingen, die men niet ziet.

Laat ons onwrikbaar vasthouden aan de belijdenis der hoop; want Hij die de belofte deed, is getrouw.

Laat ons onwrikbaar vasthouden aan de belijdenis der hoop; want Hij die de belofte deed, is getrouw.

Eén lichaam en één geest, zoals gij ook geroepen zijt tot één hoop, die aan uw roeping ontspruit;

Hij verlichte de ogen van uw hart, opdat gij moogt inzien: welke de hoop is, waartoe Hij u geroepen heeft; welke de rijkdom der glorie is, die Hij aan de heiligen als erfenis schenkt;

Aan hen heeft God bekend willen maken, hoe rijk aan glorie dit heilsgeheim onder de heidenen is: hoe Christus namelijk onder u is, de hoop op de glorie.

Want wij hebben gehoord van uw geloof in Christus Jesus, en van de liefde, die gij alle heiligen toedraagt, om wille der hoop, die voor u is weggelegd in de hemel, maar die gij thans reeds hebt vernomen door het waarachtige woord van het Evangelie,

Esperança e confiança

Eu sei os planos que tenho para vocês — planos de paz e esperança. Deus é a fonte de toda esperança.

Ik ken toch zelf wel de plannen, die Ik over u heb gemaakt, is de godsspraak van Jahweh! Het zijn plannen van heil en niet van rampen; plannen, om u een hoopvolle toekomst te schenken.

Ik ken toch zelf wel de plannen, die Ik over u heb gemaakt, is de godsspraak van Jahweh! Het zijn plannen van heil en niet van rampen; plannen, om u een hoopvolle toekomst te schenken.

Houdt moed, weest onverschrokken van hart, Gij allen, die op Jahweh hoopt!

Houdt moed, weest onverschrokken van hart, Gij allen, die op Jahweh hoopt!

Mijn ziel, wat zijt gij bedroefd, En wat kreunt gij in mij? Vertrouw toch op God: Dan zal ik Hem eens mogen danken Als mijn Helper en God!

Mijn ziel, wat zijt gij bedroefd, En wat kreunt gij in mij? Vertrouw toch op God: Dan zal ik Hem eens mogen danken Als mijn Helper en God!

Gij zijt mijn schuts en mijn schild, Ik vertrouw op uw woord;

Gij zijt mijn schuts en mijn schild, Ik vertrouw op uw woord;

Mijn ziel smacht naar uw heil, Ik vertrouw op uw woord;

Gelukkig, wien de God van Jakob blijft helpen, Wiens hoop is gevestigd op Jahweh, zijn God:

Op U blijf ik hopen; laat mij niet worden beschaamd, En den vijand niet de spot met mij drijven. Neen, niemand die op U vertrouwt, wordt beschaamd; Alleen de afvalligen worden te schande.

Esperança eterna

Somos salvos na esperança. Aquele que prometeu é fiel. A esperança está guardada nos céus para os que creem.

opdat wij, door zijn genáde gerechtvaardigd, door de hóóp erfgenamen zouden worden van het eeuwige leven.

Want daarom zwoegen we en strijden we, omdat we onze hoop hebben gevestigd op den levenden God, die de Zaligmaker is van alle mensen, van de gelovigen vooral.

Hij die alleen de onsterfelijkheid bezit, die het ontoegankelijk licht bewoont, dien geen mens heeft gezien of kàn zien, wien de eer is en eeuwige macht. Amen!

Vermaan de rijken dezer wereld, dat ze niet trots mogen zijn; dat ze hun hoop niet stellen op wisselvallige rijkdom, maar op God, die ons rijkelijk van alles voorziet, om er van te genieten;

Zonder ophouden toch zijn we voor God, onzen Vader, uw werkdadig geloof indachtig, uw zwoegende liefde, uw geduldige hoop op onzen Heer Jesus Christus.

Broeders, wij willen u niet in onwetendheid laten over hen die ontslapen zijn, opdat gij niet treurt als de anderen, die geen hoop meer bezitten. Want zo wij geloven, dat Jesus gestorven is en verrezen, dan geloven wij ook, dat God hen, die in Jesus ontsliepen, zal terugvoeren met Hem.

In het bezit van zulk een hoop, tonen we ook grote openhartigheid;

Zo blijven bestaan Geloof, hoop en liefde, Drie in getal; Maar de grootste daarvan is de liefde.

Expressões de esperança

Vinde a mim todos os que estais cansados. A esperança adia a dor e floresce na presença do Senhor.

Komt allen tot Mij, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u verkwikken.

De geest van Jahweh, mijn Heer, rust op Mijl, Want Jahweh heeft Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om armen de blijde boodschap te brengen, Om te verbinden wiens hart is gebroken, Aan gevangenen verlossing te melden, Aan geboeiden bevrijding;

Maar die op Jahweh vertrouwen, vernieuwen hun kracht, Slaan hun vleugels als adelaars uit; Ze lopen, maar worden niet moe, Ze rennen, maar worden niet mat!

Mijn deel is Jahweh! zegt mijn ziel, En daarom vertrouw ik op Hem!

En toch zal Ik uitzien naar Jahweh, En hopen op de God van mijn heil: Mijn God zal mij verhoren!

Langdurig wachten sloopt het hart, Maar een vervulde wens is een boom des levens.

Langdurig wachten sloopt het hart, Maar een vervulde wens is een boom des levens.

Firmeza na esperança

Esperai no Senhor! O cavalo é vaidade para a segurança, mas o Senhor guarda os que nele esperam.

Uw genade, o Jahweh, dale over ons neer, Naarmate wij op U blijven hopen!

Uw genade, o Jahweh, dale over ons neer, Naarmate wij op U blijven hopen!

Onze ziel blijft opzien tot Jahweh: Hij is onze hulp en ons schild;

Ook het ros kan de zege niet schenken, Door zijn grote snelheid niet redden. Maar het oog van Jahweh rust op hen, die Hem vrezen, En die op zijn goedheid vertrouwen: Om ze te redden van de dood, Ze in het leven te houden bij hongersnood.

Mijn ziel schouwt hunkerend naar zijn belofte, Mijn ziel smacht naar den Heer;

Vertrouw rustig op God, mijn ziel, Want van Hem komt mijn heil;

Met wonderen verhoort Gij ons in uw trouw, O God van ons heil; Gij, de hoop van alle grenzen der aarde, En ongenaakbare zeeën!

Wat zou ik dan nog verwachten, o Heer! Alleen op U kan ik nog hopen!

Laat mij wandelen in uw waarheid, Onderricht mij, want Gij zijt de God van mijn heil. Op U blijf ik altijd vertrouwen, Om uw goedheid, o Jahweh!

Want tot U richt ik mijn bede, o Jahweh, Reeds in de vroegte hoort Gij mijn smeken; s Morgens leg ik het voor U neer, En zie vertrouwend naar U op.

Maar de arme worde niet eeuwig vergeten, De hoop der verdrukten niet altijd beschaamd.

Jahweh behoedt u voor iedere ramp, Hij is bezorgd voor uw leven; Jahweh waakt over uw komen en gaan Van nu af tot in eeuwigheid.

Jahweh houd ik altijd voor ogen; Staat Hij mij ter zijde, dan wankel ik niet.

Seja o primeiro