Pular para o conteúdo
Publicidade

O juízo final

Por Bíblia Online

O juízo final é a conclusão da história humana. Todos os seres humanos comparecerão diante do trono de Deus para o julgamento eterno — os salvos para a vida, os ímpios para a condenação.

O grande trono branco

Vi um grande trono branco e os mortos diante de Deus. Os livros foram abertos e cada um foi julgado segundo as suas obras.

Toen zag ik een grote witte troon en Hij die daarop zit. De aarde en de hemel vluchtten bij Hem vandaan; zij verdwenen. Toen zag ik alle doden voor de troon staan zowel de gewone mensen als de hooggeplaatsten en de boeken werden geopend. Er werd ook een ander boek geopend, namelijk het boek van het leven. Over de doden werd het oordeel geveld dat overeenkwam met hun gedrag zoals dat in de boeken genoteerd stond. Toen stond de zee de doden af die zij bevatte. Ook de dood en het dodenrijk stonden de doden af die zij bevatten en over iedere dode werd het oordeel geveld dat overeenkwam met zijn gedrag. Toen werden de dood en het dodenrijk in de vuurpoel geworpen. Dit is de tweede dood, de vuurpoel. Wie niet in het boek van het leven vermeld stond, werd in de vuurpoel geworpen.

"Let op, Ik kom spoedig en breng voor iedereen de beloning mee die hij met zijn daden heeft verdiend.

"Let op, Ik kom spoedig en breng voor iedereen de beloning mee die hij met zijn daden heeft verdiend. Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.

Preparação para o juízo

Deus estabeleceu um dia para julgar o mundo com justiça. Arrependei-vos, porque o juízo se aproxima e cada palavra será pesada.

Hij heeft namelijk een dag vastgesteld waarop Hij de hele wereld rechtvaardig zal oordelen door de Man die Hij heeft aangesteld. En Hij heeft het bewijs hiervoor aan alle mensen geleverd door Hem uit de dood te doen verrijzen."

Maar Ik zeg jullie: op de Oordeelsdag zullen de mensen verantwoording moeten afleggen voor iedere lichtzinnige opmerking die ze hebben gemaakt. Want op basis van je woorden zal je worden vrijgesproken en op basis van je woorden zal je worden veroordeeld."

Wanneer de Mensenzoon komt, gehuld in zijn hemelse pracht en vergezeld van alle engelen, zal Hij plaatsnemen op zijn koninklijke troon. Alle volken zullen vóór Hem worden bijeengebracht en Hij zal de mensen van elkaar scheiden zoals de herder de schapen en de geiten van elkaar scheidt: Hij zal de schapenaan zijn rechterzijde opstellen en de geitenaan zijn linkerzijde.

Wanneer de Mensenzoon komt, gehuld in zijn hemelse pracht en vergezeld van alle engelen, zal Hij plaatsnemen op zijn koninklijke troon. Alle volken zullen vóór Hem worden bijeengebracht en Hij zal de mensen van elkaar scheiden zoals de herder de schapen en de geiten van elkaar scheidt: Hij zal de schapenaan zijn rechterzijde opstellen en de geitenaan zijn linkerzijde. Dan zal de Koning tegen de mensen aan zijn rechterzijde zeggen: Kom maar! Jullie zijn gezegend door mijn Vader, jullie krijgen deel aan het koninkrijk dat vanaf de schepping van de wereld voor jullie is gereedgemaakt. Want Ik had honger en jullie gaven Mij te eten, Ik had dorst en jullie gaven Mij te drinken, Ik was een vreemde en jullie verwelkomden Mij, Ik was naakt en jullie gaven Mij kleren, Ik was ziek en jullie verzorgden Mij, Ik zat gevangen en jullie kwamen Mij bezoeken.Dan zullen de rechtvaardige mensen Hem vragen: Heer, wanneer hebben wij U hongerig gezien en gaven wij U te eten, of dorstig en gaven wij U te drinken? En wanneer zagen wij U als vreemdeling en verwelkomden wij U, of naakt en gaven wij U kleren? Wanneer zagen wij dat U ziek was of gevangen zat en kwamen wij U bezoeken?Dan zal de Koning tegen hen zeggen: Ik verzeker jullie, voor zover jullie dit hebben gedaan voor een van de geringsten van mijn broeders en zusters, hebben jullie het voor Mij gedaan.Dan zal Hij tegen de mensen aan zijn linkerzijde zeggen: Ga weg, bij Mij vandaan, jullie vervloekten, naar het eeuwig vuur dat is gereedgemaakt voor de duivel en zijn engelen! Want Ik had honger en jullie gaven Mij niet te eten, Ik had dorst en jullie gaven Mij niet te drinken, Ik was een vreemde en jullie verwelkomden Mij niet, naakt en jullie gaven Mij geen kleren, ziek en gevangen en jullie kwamen Mij niet bezoeken!Dan zullen ook zij Hem vragen: Heer, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of als vreemdeling, of naakt, of ziek, of gevangen, en hebben wij U niet geholpen?Dan zal Hij tegen hen zeggen: Ik verzeker jullie, voor zover jullie dit niet hebben gedaan voor een van deze geringsten, hebben jullie het ook niet voor Mij gedaan.En dan gaan zij de eeuwige straf tegemoet, maar de rechtvaardigen gaan naar het eeuwig leven."

Segurança em Cristo

Quem crê no Filho tem a vida eterna e não entra em juízo. O amor de Deus é nosso refúgio diante do juízo vindouro.

Zo had God de wereld lief: door zijn enige Zoon te geven, opdat ieder die in Hem gelooft het eeuwig leven zou hebben en niet verloren zou gaan.

Zo had God de wereld lief: door zijn enige Zoon te geven, opdat ieder die in Hem gelooft het eeuwig leven zou hebben en niet verloren zou gaan. God heeft de Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te veroordelen, maar om de wereld te redden. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar wie niet gelooft, is reeds veroordeeld omdat hij niet zijn vertrouwen op Gods enige Zoon heeft gesteld. Het zit zo met het Oordeel: het licht is naar de wereld gekomen, maar de mensen hielden meer van het duister dan van het licht, want hun daden waren slecht.

Maar Ik zeg jullie de waarheid: het is beter voor jullie dat Ik ga. Want als Ik niet ga, zal de Raadgever niet bij jullie komen, maar als Ik wel ga, zal Ik Hem naar jullie toe sturen. En wanneer Hij gekomen is, zal Hij de wereld overtuigen van zonde, rechtvaardigheid en veroordeling. Hij zal de mensen overtuigen van hun zonde, namelijk dat ze niet in Mij geloven. Hij zal hen overtuigen van Gods rechtvaardigheid, want Ik ga naar de Vader en dan zien jullie Mij niet meer. En Hij zal hen overtuigen van veroordeling, want de heerser van de huidige wereld is veroordeeld.

Wij hebben de liefde leren kennen die God voor ons heeft, en we vertrouwen erop. God is liefde en wie liefdevol met anderen omgaat, is met God verbonden en God woont in hem. Zo raakt onze onderlinge liefde volgroeid, zodat we de Oordeelsdag vol vertrouwen kunnen tegemoetzien omdat we, hoewel we nog in deze wereld zijn, zijn zoals Christus. Angst maakt geen deel uit van de liefde. Integendeel, de volgroeide liefde verdrijft de angst, want angst veronderstelt straf en als iemand bang is, is zijn liefde nog niet volgroeid.

We moeten immers allen voor de rechterstoel van Christus verschijnen, en dan zal ieder ontvangen wat hij met zijn daden heeft verdiend goed of slecht tijdens het verblijf in zijn aardse lichaam.

Dit alles zal blijken op de dag dat God, door Christus Jezus, over de verborgen daden van de mensen zal oordelen. Dit is het evangelie dat ik verkondig.

Het staat vast dat mensen eenmaal moeten sterven en vervolgens het Oordeel moeten ondergaan. En het is even zeker dat Christus, die zichzelf eenmalig heeft geofferd om de zonden van velen op zich te nemen, een tweede maal zal verschijnen; niet om de zonde op zich te nemen maar om de mensen die naar Hem uitkijken te redden.

Immers: "Nog heel even, dan komt Hij die zal komen; Hij zal niet lang meer wegblijven. Wie in mijn ogen rechtvaardig is, zal het leven ontvangen door middel van het geloof, maar als iemand afhaakt, ben Ik ontevreden over hem." Wij behoren niet tot de mensen die afhaken en ten onder gaan, maar tot diegenen die geloven en zo het leven bemachtigen.

Laten we dus niet slapen zoals de anderen, maar waakzaam en nuchter zijn. Want wie slaapt, slaapt 's nachts en wie zich bedrinkt, bedrinkt zich 's nachts. Maar laten wij, die aan de dag toebehoren, nuchter zijn, gehuld in het pantser van geloof en liefde en beschermd door de helm van de verwachting van onze redding. God heeft ons namelijk niet bestemd om zijn straf te ondergaan, maar om de redding te verkrijgen via onze Heer Jezus Christus.

Seja o primeiro