Pular para o conteúdo
Publicidade

Vida nova: o que a Bíblia diz sobre recomeço e identidade

Na Bíblia, ter uma vida nova não significa apenas tentar ser alguém melhor por força de vontade. Significa receber uma nova identidade: o que ficou para trás perde o poder de definir o seu futuro porque Deus trata o passado na raiz e recria a pessoa por dentro.

Essa transformação acontece pela união com Jesus Cristo. A Escritura mostra esse recomeço como uma história em etapas: sepultar o velho caminho, nascer de novo e aprender a viver com atitudes renovadas a cada dia.

Morte para o passado e ressurreição com Cristo

O apóstolo Paulo usa a imagem do sepultamento para explicar que a condenação e o domínio do pecado foram deixados na sepultura com Jesus. Quem crê ressuscita espiritualmente para caminhar em novidade de vida.

Weten jullie niet dat wij die ons hebben laten dopen om voortaan bij Christus te horen, door die doop delen in zijn dood? En omdat we door onze doop delen in zijn dood, delen we ook in zijn begrafenis. En omdat Christus uit de dood is opgewekt door de grote macht van de Vader, behoren ook wij een nieuw leven te leiden.(Romeinen 6:3,4)

Als wij delen in zijn dood, zullen we ook delen in zijn verrijzenis. We weten immers dat onze oude ‘ik’ is meegekruisigd, opdat met onze neiging tot zonde zou worden afgerekend en we niet langer slaaf van de zonde zouden zijn. Immers, wie gestorven is, is vrij van de macht van de zonde.(Romeinen 6:5-7)

Daarom moeten jullie jezelf beschouwen als eveneens dood voor de zonde, maar levend voor God doordat jullie bij Christus Jezus horen.(Romeinen 6:11)

Uma identidade inteiramente nova

A conversão não é uma reforma superficial da moral humana; a Bíblia chama isso de nova criação. A identidade antiga deixa de governar a existência, e a vida de Cristo passa a se expressar nas escolhas diárias.

Dus als iemand bij Christus hoort, is hij een nieuwe creatie – het oude is voorbij, het nieuwe is gekomen.(2 Korintiërs 5:17)

en toch leef ik. Dat wil zeggen: mijn ‘ik’ leeft niet meer, maar Christus leeft in mij. Het leven dat ik nu in mijn lichaam leid, leid ik in het geloof in de Zoon van God, die zoveel van mij hield dat Hij zichzelf voor mij heeft gegeven.(Galaten 2:20)

Dan is er geen sprake meer van Griek of Jood, besneden of onbesneden, vreemdeling, barbaar, slaaf of vrij mens, maar van: Christus is alles en Hij is in ons allen.(Kolossenzen 3:11)

Trocar os hábitos antigos pelas práticas da fé

A renovação espiritual tem reflexos práticos na conduta. Paulo compara esse processo a tirar uma roupa suja e vestir vestes limpas: abandonam-se a mentira, a ira e o ressentimento para dar lugar a atitudes que refletem o caráter de Deus.

Jullie is geleerd, je te ontdoen van je oude ‘ik’, die bij je vroegere levenswijze hoort en die door misleidende begerigheid te gronde gaat. Ook is jullie geleerd, je geest en je denken te laten vernieuwen, en je nieuwe ‘ik’ aan te trekken, die door God geschapen is om zijn ware rechtvaardigheid en heiligheid te weerspiegelen.(Efeziërs 4:22-24)

Maar nu moeten jullie je van dat alles – woede, toorn, kwaadaardigheid, laster en vuile taal – ontdoen. Lieg niet tegen elkaar, want je hebt je ontdaan van je oude ‘ik’ met zijn bijhorende gewoonten, en je gehuld in je nieuwe ‘ik’, dat voortdurend wordt vernieuwd en zijn Schepper steeds beter kent en weerspiegelt.(Kolossenzen 3:8-10)

Maar als we onze zonden bekennen aan Degene die trouw en rechtvaardig is, zal Hij onze zonden vergeven en ons reinigen van al ons kwaad.(1 Johannes 1:9)

O milagre da transformação do coração

Nenhum ser humano consegue purificar a si mesmo. Desde o Antigo Testamento, Deus promete trocar um coração insensível e endurecido por um coração vivo, habitado pelo Seu Espírito, capaz de amar e obedecer.

Ooit leefden wij allemaal zoals zij: we gaven toe aan de begerigheid van onze zondige natuur en deden wat ons lichaam en onze gedachten van ons verlangden. Van nature waren we mensen die straf verdienden, net als de anderen. Maar omdat God rijk aan mededogen is en zijn liefde voor ons groot is, heeft Hij ons levend gemaakt met Christus, toen we nog dood waren door onze overtredingen. Het is genade dat jullie gered zijn.(Efeziërs 2:3-5)

Seja o primeiro

Este artigo te tocou? Faça uma oração!

+581 estão orando agora.

Junte-se à corrente de oração.