8 Ik, Johannes, ben het die deze zaken heeft gehoord en gezien. Nadat ik ze had gehoord en gezien, liet ik me in aanbidding neervallen aan de voeten van de engel die me deze zaken had getoond. 9 Maar hij zei tegen mij: "Doe dat niet; ik ben slechts een dienaar van God, net als jij en je broeders en zusters, de profeten. Ik ben net als zij die zich aan de woorden in dit boek houden. Je moet God aanbidden."