29 De volgende dag zag Johannes Jezus naar zich toe komen. Hij zei: "Daar is het lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt.
35 De volgende dag stond Johannes er opnieuw met twee van zijn leerlingen. 36 Hij keek naar Jezus, die daar langs kwam en zei: "Daar is het lam van God." 37 De twee leerlingen hoorden wat hij zei en gingen achter Jezus aan.