Pular para o conteúdo
Publicidade

Markus 5

35 Terwijl Jezus nog sprak, kwamen mensen uit het huishouden van Jaïrus de synagogebestuurder zeggen: "Uw dochtertje is gestorven. Waarom zou u de Leraar nog lastigvallen?" 36 Jezus hoorde hun bericht, maar zei tegen de synagogebestuurder: "Wees niet bang; je moet enkel geloven." 37 Hij liet niet toe dat er iemand met Hem meeging, behalve Petrus en de broers Jakobus en Johannes. 38 Toen ze bij het huis van de synagogebestuurder waren aangekomen, zag Jezus een grote drukte. Er werd geweend en luid gejammerd. 39 Hij ging naar binnen en zei: "Waarom deze drukte en dit geween? Het kind is niet dood, het slaapt alleen maar." 40 Ze lachten Hem uit, maar Hij stuurde iedereen naar buiten behalve de vader en moeder van het kind en de leerlingen die Hem vergezelden. Hij ging de kamer binnen waar het kind lag, 41 nam haar hand vast en zei tegen haar: "Talita koem." Dat betekent: "Meisje, Ik zeg je: sta op." 42 Het meisje stond meteen op en begon te stappen. Ze was twaalf jaar oud. Men was buiten zichzelf van verbazing. 43 Hij droeg hun op dat niemand dit te weten mocht komen en zei dat ze haar wat eten moesten geven.

Veja também