28 Ze trokken Hem de kleren uit en deden Hem een felrode mantel om. 29 Ze vlochten een kroon van doorntakken die ze op zijn hoofd zetten, staken een rieten stok in zijn rechterhand, knielden voor Hem en dreven de spot met Hem door te roepen: "Gegroet, koning van de Joden!"
Publicidade
Publicidade