Pular para o conteúdo
Publicidade

1 Tessalonicenses 5

1 Maar over tijden en stonden, broeders, behoeft u niet te worden geschreven. 2 Want zelf weet gij goed, dat de Dag des Heren komt als een dief in de nacht. 3 Wanneer men zegt: "Vrede en veiligheid," dan valt op hen het verderf onverwacht, zoals barensweeën op een zwangere vrouw; en ontkomen doen ze zeker niet. 4 Maar gij broeders, gij verkeert niet in duisternis, zodat de Dag u als een dief zou verrassen. 5 Want allen zijt gij zonen van het licht, zonen ook van de dag; van nacht of duisternis zijn we het niet.

Domínio Público. Esta tradução bíblica de domínio público é trazida a você por cortesia de eBible.org.

Veja também

1 Tessalonicenses
Ver todos os capítulos de 1 Tessalonicenses