Pular para o conteúdo
Publicidade

Resultados da busca por "esperança"

138 resultados encontrados

  1. Salmos 37

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 37
    Mostrando versículos 7–39 de 40

    7Berust in Jahweh, En blijf op Hem hopen. Benijd niet den man, wien het goed gaat, Ofschoon hij bedriegt.

    34Blijf op Jahweh vertrouwen, En bewandel zijn wegen; Dan stelt Hij u in het bezit van het Land, En zult gij de verdelging der zondaars aanschouwen.

    39Jahweh is het heil van de vromen, Hun toevlucht in tijden van nood;

  2. Isaías 53

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 53
    Mostrando versículos 1–11 de 12

    1Wie toch zou geloven, wat òns is voorspeld, Wien is Jahweh’s arm geopenbaard?

    2Als een vormeloos rijsje schiet Hij omhoog, Als een wortel uit dorstige grond; Zonder gestalte of luister, waar we naar opzien, Zonder gratie, die ons behaagt.

    11Hij zal het leven aanschouwen, van smarten bevrijd, En verzadigd worden van kennis. Zelf rechtvaardig, zal mijn Dienaar velen tot gerechtigheid brengen, Wier ongerechtigheid Hij heeft gedragen;

  3. Provérbios 29

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 29
    Mostrando versículos 13–25 de 27

    13Een arme en een geldschieter ontmoeten elkaar: Jahweh schenkt beiden het licht der ogen.

    20Ziet ge iemand, die overijld spreekt: Voor een dwaas is er meer hoop dan voor hem.

    25Menselijk opzicht spant een strik; Maar wie op Jahweh vertrouwt, is veilig.

  4. Eclesiástico 11

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 11
    Mostrando versículos 21–27 de 34

    21Verwonder u niet over de zondaars; Vertrouw op Jahweh en wacht op zijn licht! Want gemakkelijk is het in de ogen van Jahweh, Plotseling den arme rijk te maken.

    22De zegen Gods is het loon van den rechtvaardige; Te zijner tijd ontluikt zijn hoop.

    27De tijd van ongeluk doet de vreugde vergeten, En 's mensen einde openbaart, wat hij is.

  5. Salmos 33

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 33
    Mostrando versículos 20–22 de 22

    20Onze ziel blijft opzien tot Jahweh: Hij is onze hulp en ons schild;

    21In Hem verheugt zich ons hart, Wij vertrouwen op zijn heilige Naam.

    22Uw genade, o Jahweh, dale over ons neer, Naarmate wij op U blijven hopen!

  6. Jó 6

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 6
    Mostrando versículos 11–26 de 30

    11Want wat is mijn kracht, dat ik nu nog zou wachten, Wat mijn uitzicht, dat ik langer zou leven?

    19De karavanen van Tema zien er naar uit, De convooien van Sjeba hebben er hun hoop op gevestigd:

    26Meent gij, mijn woorden te moeten berispen: Woorden van een wanhopige, die in de wind zijn gesproken?

  7. Provérbios 23

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 23
    Mostrando versículos 15–26 de 35

    15Mijn kind, als úw hart wijs is, Zal ook mijn hart zich verheugen;

    18Als ge die bewaart, is er toekomst, En zal uw verwachting niet worden beschaamd.

    26Mijn zoon, schenk mij uw hart, Laat uw ogen op mijn wegen letten;

  8. Eclesiástico 40

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 40
    Mostrando versículos 2–28 de 30

    2Angstige bezorgdheid en hartevrees, Zorg voor de toekomst tot aan de dag van de dood

    13Onrechtvaardig goed is als een woeste stroom, Als een machtige vloed bij een onweersbui:

    28Mijn zoon, wil niet van aalmoezen leven; Beter dood dan een bedelaar.

  9. Jó 9

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 9
    Mostrando versículos 12–27 de 35

    12Rooft Hij: Wie zal Hem weerhouden? Wie Hem zeggen: Wat doet Gij?

    13God, die zijn gramschap niet weerhoudt: Zelfs Ráhabs helpers moesten zich onder Hem krommen!

    27Denk ik, ik wil mijn jammer vergeten, Weer vrolijk schijnen en blij,

  10. Salmos 119

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 119
    Mostrando versículos 81–116 de 176

    81Mijn ziel smacht naar uw heil, Ik vertrouw op uw woord;

    82Mijn ogen hunkeren naar uw bestel, En vragen: Wanneer brengt Gij mij troost?

    116Sterk mij naar uw bestel, opdat ik blijf leven, En laat mijn hoop niet worden beschaamd;

  11. Eclesiástico 14

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 14
    Mostrando versículos 2–12 de 27

    2Gelukkig de mens, wiens geweten geen verwijten doet, Want zijn hoop zal nimmer vergaan!

    4Wie zich zelf te kort doet, spaart voor anderen, En vreemden genieten van zijn goed.

    12Denk er aan, dat de dood niet draalt, Dat de tijd, die u rest, u niet wordt gemeld.

  12. Provérbios 16

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 16
    Mostrando versículos 18–33 de 33

    18Hoogmoed komt vóór de val, Hooghartigheid, voordat men struikelt.

    20Wie op zijn woorden let, heeft het goed; Gelukkig hij, die op Jahweh vertrouwt!

    33Wel wordt het lot in de schoot geworpen Maar wat het uitwijst, komt van Jahweh.

  13. Salmos 9

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 9
    Mostrando versículos 7–18 de 20

    7Ziet, Jahweh troont in eeuwigheid, Houdt zijn rechterstoel voor het oordeel gereed;

    8Rechtvaardig richt Hij de wereld, Vonnist de volken, zoals ze verdienen.

    18Maar de arme worde niet eeuwig vergeten, De hoop der verdrukten niet altijd beschaamd.

  14. Jó 4

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 4
    Mostrando versículos 6–21 de 21

    6Was dan uw vroomheid niet uw hoop, Uw onberispelijke wandel niet uw vertrouwen?

    9Door Gods adem gaan ze te gronde, Door zijn ziedende gramschap komen ze om:

    21Die, als hun tentpin wordt uitgerukt, Gaan sterven, eer zij het weten!

  15. Salmos 13

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 13
    Mostrando versículos 2–5 de 6

    2Hoe lang draag ik wee in mijn ziel, altijd kommer in mijn hart; Hoe lang zal de vijand nog over mij juichen!

    3Zie op mij neer; verhoor mij, Jahweh, mijn God! Straal glans in mijn ogen, opdat ik niet wegslaap in de dood,

    5Ik blijf op uw goedheid vertrouwen, Mijn hart zal jubelen over uw hulp;

  16. Provérbios 26

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 26
    Mostrando versículos 1–12 de 28

    1Als sneeuw bij zomer, en regen bij oogst: Zo slecht past eerbetoon bij een dwaas.

    5Antwoord een dwaas naar zijn dwaasheid, Anders denkt hij nog, dat hij wijs is

    12Als ge iemand ziet, die meent dat hij wijs is: Dan is er meer hoop voor een dwaas dan voor hem.

  17. Eclesiástico 25

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 25
    Mostrando versículos 1–12 de 26

    1In drie dingen vindt mijn ziel behagen; Want lieflijk zijn ze voor God en de mensen: Eendracht onder broeders, liefde voor den evenmens, En man en vrouw, die bij elkander goed passen.

    6Rijke ervaring is de kroon der bejaarden, Maar hun roem is de vreze des Heren.

    12De vreze des Heren is het begin van de liefde; Maar het geloof is het begin van onze verbinding met Hem.

  18. Jó 5

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 5
    Mostrando versículos 4–16 de 27

    4Zijn kinderen werden van hulp verstoken, Reddeloos vertrapt in de poort;

    11Die de nederigen op de hoogte verheft, En treurenden het hoogste geluk doet smaken.

    16Zodat er weer hoop voor den zwakke is, En het onrecht de mond sluit.

  19. Salmos 56

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 56
    Mostrando versículos 4–11 de 13

    4In Jahweh’s belofte kan ik jubelen; Op God vertrouw ik, zonder te vrezen! Wat kunnen de mensen mij doen?

    10In Jahweh’s belofte kan ik jubelen;

    11Op God vertrouw ik, zonder te vrezen! Wat kunnen de mensen mij doen?

  20. Eclesiástico 24

    De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
    Capítulo 24
    Mostrando versículos 7–28 de 34

    7Bij die allen zocht ik een rustplaats, Een erfdeel, waar ik kon blijven.

    18Ik ben de moeder van de schone liefde, Van de godsvrucht, de kennis en de heilige hoop; In mij is alle genade van leven en waarheid, In mij alle hoop op leven en deugd.

    28Geen eerste heeft haar kunnen doorgronden, Geen laatste heeft haar doorvorst;

Léxico (correspondência exata) Semântico (correspondência relacionada) Versículos omitidos Contexto do capítulo