5 Doch indien iemand bedroefd heeft, die heeft niet mij bedroefd, maar ten dele (opdat ik hem niet bezware) ulieden allen.6 Den zodanige is deze bestraffing genoeg, die van velen geschied is.7 Alzo dat gij daarentegen hem liever moet vergeven en vertroosten, opdat de zodanige door al te overvloedige droefheid niet enigszins worde verslonden.8 Daarom bid ik u, dat gij de liefde aan hem bevestigt.
Publicidade
2 Coríntios 2
Veja também
Publicidade