Gratidão

Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging.

Colossenses 2:7

En al wat gij doet met woorden of met werken, doet het alles in de Naam van de Heere Jezus, dankende God en de Vader door Hem.

Colossenses 3:17

Zingt den HEERE bij beurte met dankzegging; psalmzingt onzen God op de harp.

Salmos 147:7

Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op Muth-Labben.

Salmos 9:1

En dat zij lofofferen offeren, en met gejuich Zijn werken vertellen.

Salmos 107:22

16 Verblijdt u te allen tijd.

17 Bidt zonder ophouden.

18 Dankt God in alles; want dit is de wil van God in Christus Jezus over u.

1 Tessalonicenses 5:16-18

Houde niet op voor u te danken, gedenkende uwer in mijn gebeden;

Efésios 1:16

Wij moeten God te allen tijd danken over u, broeders, gelijk billijk is, omdat uw geloof zeer wast, en dat de liefde eens iegelijken van u allen jegens elkander overvloedig wordt;

2 Tessalonicenses 1:3

Looft den HEERE, want Hij is goed, want Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid.

1 Crônicas 16:34

1 Een lofzang. Gij ganse aarde! juicht den HEERE.

2 Dient den HEERE met blijdschap, komt voor Zijn aanschijn met vrolijk gezang.

3 Weet, dat de HEERE is God; Hij heeft ons gemaakt (en niet wij), Zijn volk en de schapen Zijner weide.

4 Gaat in tot Zijn poorten met lof, in Zijn voorhoven met lofgezang; looft Hem, prijst Zijn Naam.

5 Want de HEERE is goed; Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid, en Zijn getrouwheid van geslacht tot geslacht.

Salmos 100:1-5

Een psalm, een lied, op den sabbatdag.

Het is goed, dat men den HEERE love, en Uw Naam psalmzinge, o Allerhoogste!

Salmos 92:1,2

En de vrede Gods heerse in uw harten, tot welken gij ook geroepen zijt in een lichaam; en weest dankbaar.

Colossenses 3:15

En rookt van het gedesemde een lofoffer, en roept vrijwillige offers uit, doet het horen; want alzo hebt gij het gaarne, gij kinderen Israels! spreekt de Heere HEERE.

Amós 4:5

Maar Gode zij dank, Die ons de overwinning geeft door onzen Heere Jezus Christus.

1 Coríntios 15:57

Laat ons dan door Hem altijd Gode opofferen een offerande des lofs, dat is, de vrucht der lippen, die Zijn Naam belijden.

Hebreus 13:15

Ik dank en ik loof U, o God mijner vaderen! omdat Gij mij wijsheid en kracht gegeven hebt, en mij nu bekend gemaakt hebt, wat wij van U verzocht hebben, want Gij hebt ons des konings zaak bekend gemaakt.

Daniel 2:23

Dankt God in alles; want dit is de wil van God in Christus Jezus over u.

1 Tessalonicenses 5:18

Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

Romanos 11:36

Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

Salmos 107:1

Loof den HEERE, mijn ziel, en vergeet geen van Zijn weldaden;

Salmos 103:2

Dankende te allen tijd over alle dingen God en den Vader, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus;

Efésios 5:20

Dat gij in alles rijk wordt tot alle goeddadigheid, welke door ons werkt dankzegging tot God.

2 Coríntios 9:11

Laat ons Zijn aangezicht tegemoet gaan met lof; laat ons Hem juichen met psalmen.

Salmos 95:2

Dat wij grote vrede door u bekomen, en dat vele loffelijke diensten deze volke geschieden door uw voorzichtigheid, machtigste Felix, nemen wij ganselijk en overal met alle dankbaarheid aan.

Atos 24:3

Ik was mijn handen in onschuld, en ik ga rondom uw altaar, o HEERE!

Om te doen horen de stem des lofs, en om te vertellen al Uw wonderen.

Salmos 26:6,7

Niet dat ik dit zeg vanwege gebrek; want ik heb geleerd vergenoegd te zijn in hetgeen ik ben.

Filipenses 4:11

Weest in geen ding bezorgd; maar laat uw begeerten in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God;

Filipenses 4:6

Omdat zij, God kennende, Hem als God niet hebben verheerlijkt of gedankt; maar zijn verijdeld geworden in hun overleggingen en hun onverstandig hart is verduisterd geworden;

Romanos 1:21

Maar ik zal U offeren met de stem der dankzegging; wat ik beloofd heb, zal ik betalen. Het heil is des HEEREN.

Jonas 2:9

Gij zijt mijn God, daarom zal ik U loven; o mijn God! ik zal U verhogen.

Loof den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

Salmos 118:28,29

Gaat in tot Zijn poorten met lof, in Zijn voorhoven met lofgezang; looft Hem, prijst Zijn Naam.

Salmos 100:4

Als droevig zijnde, doch altijd blijde; als arm, doch velen rijk makende; als niets hebbende, en nochtans alles bezittende.

2 Coríntios 6:10

Houdt sterk aan in het gebed, en waakt in hetzelve met dankzegging;

Colossenses 4:2

Dit is de dag, dien de HEERE gemaakt heeft; laat ons op denzelven ons verheugen, en verblijd zijn.

Salmos 118:24

Wie dankoffert, die zal Mij eren; en wie zijn weg wel aanstelt, dien zal Ik Gods heil doen zien.

Salmos 50:23

Weest in geen ding bezorgd; maar laat uw begeerten in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God;

En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw zinnen bewaren in Christus Jezus.

Filipenses 4:6,7

Noch oneerbaarheid, noch zot geklap, of gekkernij, welke niet betamen; maar veelmeer dankzegging.

Efésios 5:4

Ik dank mijn God allen tijd over u, vanwege de genade Gods, die u gegeven is in Christus Jezus;

1 Coríntios 1:4

En alle schepsel, dat in den hemel is, en op de aarde, en onder de aarde, en die in de zee zijn, en alles, wat in dezelve is, hoorde ik zeggen: Hem, Die op den troon zit, en het Lam, zij de dankzegging, en de eer, en de heerlijkheid, en de kracht in alle eeuwigheid.

Apocalipse 5:13

Want al deze dingen zijn om uwentwil, opdat de vermenigvuldigde genade, door de dankzegging van velen, overvloedig worde ter heerlijkheid Gods.

2 Coríntios 4:15

Zeggende: Wij danken U, Heere God almachtig, Die is, en Die was, en Die komen zal, dat Gij Uw grote kracht hebt aangenomen, en als Koning hebt geheerst;

Apocalipse 11:17

Daarom, alzo wij een onbewegelijk Koninkrijk ontvangen, laat ons de genade vast houden, door dewelke wij welbehagelijk Gode mogen dienen, met eerbied en godvruchtigheid.

Hebreus 12:28

Sprekende onder elkander met psalmen, en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende en psalmende den Heere in uw hart;

Dankende te allen tijd over alle dingen God en den Vader, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus;

Efésios 5:19,20

Want alle schepsel Gods is goed, en er is niets verwerpelijk, met dankzegging genomen zijnde;

1 Timóteo 4:4

Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende den Heere met aangenaamheid in uw hart.

Colossenses 3:16

Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid;

Salmos 136:1

En van hen zal dankzegging uitgaan, en een stem der spelenden; en Ik zal hen vermeerderen, en zij zullen niet verminderd worden, en Ik zal hen verheerlijken, en zij zullen niet gering worden.

Jeremias 30:19

En zegt: Verlos ons, o God onzes heils, en verzamel ons, en red ons van de heidenen, dat wij Uw heiligen Naam loven, en dat wij ons Uws lofs roemen.

1 Crônicas 16:35

Zeggende: Amen. De lof, en de heerlijkheid, en de wijsheid, en de dankzegging, en de eer, en de kracht, en de sterkte zij onzen God in alle eeuwigheid. Amen.

Apocalipse 7:12

Looft den HEERE, roept Zijn Naam aan, maakt Zijn daden bekend onder de volken.

1 Crônicas 16:8