Humildade

En eindelijk, zijt allen eensgezind, medelijdend, de broeders liefhebbende, met innerlijke barmhartigheid bewogen, vriendelijk;

1 Pedro 3:8

Voor de verbreking zal des mensen hart zich verheffen; en de nederigheid gaat voor de eer.

Provérbios 18:12

En Mijn volk, over dewelken Mijn Naam genoemd wordt, zich verootmoedigt en bidt, en zij Mijn aangezicht zoeken, en zich bekeren van hun boze wegen; zo zal Ik uit den hemel horen, en hun zonden vergeven, en hun land genezen.

2 Crônicas 7:14

Doet geen ding door twisting of ijdele eer, maar door ootmoedigheid achte de een den ander uitnemender dan zichzelven.

Filipenses 2:3

Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?

Miquéias 6:8

Gij vrouwen, zijt uw eigen mannen onderdanig, gelijk het betaamt in den Heere.

Gij mannen, hebt uw vrouwen lief, en wordt niet verbitterd tegen haar.

Colossenses 3:18,19

Het loon der nederigheid, met de vreze des HEEREN, is rijkdom, en eer, en leven.

Provérbios 22:4

Zo doet dan aan, als uitverkorenen Gods, heiligen en beminden, de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, zachtmoedigheid, lankmoedigheid;

Colossenses 3:12

En nedergezeten zijnde, riep Hij de twaalven, en zeide tot hen: Indien iemand wil de eerste zijn, die zal de laatste van allen zijn, en aller dienaar.

Marcos 9:35

Want gij zijt tot vrijheid geroepen, broeders, alleenlijk gebruikt de vrijheid niet tot een oorzaak voor het vlees; maar dient elkander door de liefde.

Gálatas 5:13

En zeide tot hen: Zo wie dit kindeken ontvangen zal in Mijn Naam, die ontvangt Mij; en zo wie Mij ontvangen zal, ontvangt Hem, Die Mij gezonden heeft. Want die de minste onder u allen is, die zal groot zijn.

Lucas 9:48

De hoogmoed des mensen zal hem vernederen; maar de nederige van geest zal de eer vasthouden.

Provérbios 29:23

De vreze des HEEREN is de tucht der wijsheid; en de nederigheid gaat voor de eer.

Provérbios 15:33

Teth. De HEERE is goed en recht; daarom zal Hij de zondaars onderwijzen in den weg.

Jod. Hij zal de zachtmoedigen leiden in het recht, en Hij zal den zachtmoedigen Zijn weg leren.

Salmos 25:8,9

Onzen God nu en Vader zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.

Filipenses 4:20

Wanneer gij dan aalmoes doet, zo laat voor u niet trompetten, gelijk de geveinsden in de synagogen en op de straten doen, opdat zij van de mensen geeerd mogen worden. Voorwaar zeg Ik u: Zij hebben hun loon weg.

Mateus 6:2

Vernedert u dan onder de krachtige hand Gods, opdat Hij u verhoge te Zijner tijd.

1 Pedro 5:6

Als de hovaardigheid komt, zal de schande ook komen; maar met de ootmoedigen is wijsheid.

Provérbios 11:2

Welker versiersel zij, niet hetgeen uiterlijk is, bestaande in het vlechten des haars, en omhangen van goud, of van klederen aan te trekken;

Maar de verborgen mens des harten, in het onverderfelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God.

1 Pedro 3:3,4

Vernedert u voor den Heere, en Hij zal u verhogen.

Tiago 4:10

Wie is wijs en verstandig onder u? die bewijze uit zijn goeden wandel zijn werken in zachtmoedige wijsheid.

Tiago 3:13

Met alle ootmoedigheid en zachtmoedigheid, met lankmoedigheid, verdragende elkander in liefde;

Efésios 4:2

En het onedele der wereld, en het verachte heeft God uitverkoren, en hetgeen niets is, opdat Hij hetgeen iets is, te niet zou maken;

Opdat geen vlees zou roemen voor Hem.

1 Coríntios 1:28,29

Neemt Mijn juk op u, en leert van Mij, dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen.

Want Mijn juk is zacht, en Mijn last is licht.

Mateus 11:29,30

Weest eensgezind onder elkander. Tracht niet naar de hoge dingen, maar voegt u tot de nederige. Zijt niet wijs bij uzelven.

Romanos 12:16